Een illusie rijker

   De oudere vrouw lachte naar haar. Ze probeerde terug te lachen. Dat viel niet mee. Haar hoofd was nog zwaar van de narcose. Gevuld met zachte, witte watten die helder denken onmogelijk maakten. Af en toe zakte ze weg in koortsige dromen waar niets was zoals het leek. Els in Wonderland. Misschien was die vage droomtoestand wel te verkiezen boven de harde waarheid van die dag. Bij elk nieuw ontwaken kwam de waarheid haar harder voor de geest. Haar lichaam had haar in de steek gelaten. Een droom was uiteen gespat. De verpleegster kwam binnen met twee dienbladen. Els merkte opeens hoeveel honger ze had. Ze had al vanaf tien uur de vorige avond niet mogen eten of drinken. Zelfs geen water. Brood, vleeswaren en een kop thee lachten haar toe. Enthousiast viel ze aan op al het lekkers. Althans, dat probeerde ze. Het brood smeren ging haar nog vrij aardig af, maar die plastic verpakking van het vlees en de plakjes kaas waren spelbrekers. Had nou niemand er ooit bij nagedacht dat het met een infuus in de arm vrijwel onmogelijk was die fatsoenlijk open te krijgen? Het was haar eer te na om op het belletje te drukken om een verpleegster te roepen die de pakjes open kon krijgen. Nijdig riste ze ze met haar tanden open. Toch trots dat het gelukt was. Het brood smaakte heerlijk. Voordat ze het wist, had ze drie boterhammen achter de kiezen. ‘Oh jee’ zei de verpleegster die de dienbladen weer op kwam halen, ‘ik hoop dat dat je goed gaat bekomen. Mensen willen nog weleens misselijk worden na de narcose.’ Maar het leek allemaal goed te gaan. Het eten in haar buik gaf haar de energie die hard nodig was. De watten in haar hoofd werden kleiner en het lukte zelfs een gesprek aan te knopen met de vrouw in het bed naast haar die informeerde naar haar misselijkheid. En zo kwam het onderwerp snel op wat hen hier vandaag in het ziekenhuis bracht. Waar moest je het anders over hebben als je omringd werd door slangen en infuuszakken? De vrouw vond het jammer te horen van haar kortstondige zwangerschap. Els kon dat beamen, maar ze merkte ook dat met de helderheid in haar hoofd de nuchterheid weer was teruggekeerd. En daarmee de overtuiging dat het wel weer goed zou komen met haar kinderwens. De vrouw was in het ziekenhuis voor een bloedtransfusie. Ze had die tweewekelijks nodig. ‘Dan leef ik weer helemaal op’ zei ze. ‘Gisteren kon ik niets meer, alleen maar slapen. M’n gezicht spierwit. Nu word ik weer als nieuw. En zo gaat het elke twee weken. Een dag lang aan het infuus en ik kan er weer tegen. Het is dat of niets.’ Ze babbelden nog even door over koetjes en kalfjes. Els merkte dat de vrouw snel over het onderwerp ‘kleinkinderen’ heen stapte. Waarschijnlijk om haar te sparen vanwege het vroegtijdige verlies van haar kindje in wording.

   De verpleegster kwam weer binnen. ‘Hoe voelt u zich?’ ‘Goed’, zei Els. ‘Geen misselijkheid of pijn. Een beetje moe alleen.’ ‘Dan mag u naar huis. Kan ik iemand voor u bellen?’ ‘Ja, mijn man verwacht een telefoontje.’ Haar man was die ochtend met haar in het ziekenhuis gekomen. Samen hadden ze gewacht op het moment waarop ze naar de operatiekamer gebracht zou worden. Els had ter voorbereiding op de narcose een tabletje gekregen dat haar alvast suf zou maken. Zonder het te merken, was ze suf geworden en weg gezakt in een half wakker, half droomtoestand. De ingreep liet echter op zich wachten. Er was een spoedkeizersnee tussengekomen. De tweeling die gehaald moest worden, kwam anders in gevaar. Els had daar graag op willen wachten. Ze had er niet aan moeten denken dat de kindjes iets overkwam. Dat moest toch verschrikkelijk zijn; een baby verliezen, nee zelfs twee, na al die maanden wachten en koesteren in je buik. Ze huiverde bij de gedachte. Nee, dan kwam ze er niet slecht vanaf met haar miskraam. Laat de tweeling maar voor. Haar Boontje leefde toch niet meer.

   Het gevolg van het langere wachten was wel dat het sufpilletje uitgewerkt raakte. Haar man had ruim een uur braaf naast haar bed gezeten. Het hadden tien minuten geleken. ‘Dat komt omdat je geslapen hebt,’ had hij gezegd. ‘En je hebt ook onzin uitgekraamd. Weet je dat niet meer?’ Nee, daar had ze niets van geweten. ‘Je keek vanuit je bed de gang op en zei: ‘ Ik zie een meisje in het rood!’ Ze had geen idee wat ze daarmee bedoeld kon hebben. ‘Je zei ook dat je je net Bonnie voelde.’ Daarbij refererend aan de artieste die op dat moment ongelukkigerwijs regelmatig in het nieuws was vanwege haar vermeende haat-liefdeverhouding met de drankfles. Ze hadden erg moeten lachen om haar rare uitspraken. Op dat moment was de verpleegster komen vertellen dat het allemaal wat langer duurde vanwege de spoedkeizersnee. Els had haar man gezegd dat hij wel mocht gaan als hij wilde. Ze wilde nog wel even slapen en dan zat hij weer voor niets naast haar stof te vangen. Ze spraken af dat hij haar kwam halen als ze ‘ontslagen’ werd. Ontslagen. Een vreemd woord met dubbelzinnige betekenis. Als je in een ziekenhuis lag, was je blij om ontslagen te worden, maar op je werk was dat wat anders. En nu was dat moment gekomen; het ontslag. Huiswaarts met een lege baarmoeder. Een illusie rijker.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s